Kwantiteit
Het betreft de werking tussen de grootte van de kleurvlekken, de tegenstelling tussen groot en klein.
Vraag: Hoe groot moeten de kleurvlekken of kleurvlakken tegenover elkaar
zijn om een harmonisch geheel te vormen?
Twee factoren zijn hiervoor bepalend; de stralingskracht van de kleuren en de grootte van de kleurvlekken. Een vlek
geel is sterker dan een evengrote vlek violet. Er zal evenwicht zijn als er minder oppervlakte geel staat tegenover
méér oppervlakte violet.
Afgeronde getalverhoudingen van de lichtwaarden volgens Goethe zijn:
| Geel | Oranje | Rood | Violet | Blauw | Groen |
| 9 | 8 | 6 | 3 | 4 | 6 |
Omgezet in harmonische vlakgrootten wordt dit het omgekeerde van de lichtwaarden:
| Geel | Oranje | Rood | Violet | Blauw | Groen |
| 3 | 4 | 6 | 9 | 8 | 6 |
Gebruik van harmonische kwantiteiten leidt tot rust en is statisch; andere verhoudingen - bepaalde
kleuren domineren dan - zijn expressiever en wijzigen alle andere kontrasten in hun werking,
versterken of verzwakken die.
|